Tegenwoordige tijd


  



Vul je antwoorden in. Als je klaar bent klik op de controleer knop.

1. Pas op, je (snijden) je in de vinger!
2. (Snijden) je dit touwtje even door?
3. Ik (snijden) het vlees wel even.
4. Dit mes (snijden) niet goed.
5. Moeder (breien) niet zoveel als vroeger.
6. De boot (glijden) door het water.
7. Gestolen goed (gedijen) niet.
8. Waarom (schelden) je hem altijd uit?
9. Ik (schelden) hem niet uit, hij (schelden) mij uit.
10. Moeder (schillen) de aardappelen en (wassen) de groente.
11. Daar (treden) de koningin de zaal binnen!
12. Waarom (treden) de politie niet strenger tegen die vandalen op?
13. Vandaag (treden) ik als voorzitter van onze club af.
14. De secretaris (treden) ook af.
15. Als het (sneeuwen) , (sleeën) het jongetje de hele middag.
16. Ik (bieden) u mijn verontschuldigingen aan.
17. Hoeveel (bieden) je voor dit schilderij?
18. Wie (bieden) er meer?
19. Annemarieke (zingen) en (neuriën) neuriet de hele morgen, terwijl ze (stofzuigen) stofzuigt en de meubelen (afstoffen) afstoft.
20. Je (raden) het nooit.
21. Wat (raden) je mij aan nu te doen?
22. (Raden) u mij dat aan?
23. Waarom (schudden) je zo bedenkelijk het hoofd?
24. Iedere morgen (schudden) vader mij wakker.
25. Ik (schudden) die sommen uit mijn mouw.