Invuloefening

Vul je antwoorden in. Als je klaar bent klik op de controleer knop.

Petra en Hans zagen Els in de trein. Ze gingen een namiddag naar de dierentuin.
Ze =

Jan houdt van judo, voetbal en fietsen. Hij vindt die sporten leuk.
Die sporten =

De meester vindt dat fietsers en autobestuurders voorzichtig moeten zijn in het verkeer.
Het is belangrijk dat het verkeersreglement naleven.


Onder graszoden en in de modder vind je vaak wormen en andere kleine diertjes. Meestal zijn het nuttige wezentjes.
De pieren kan iedere visser wel gebruiken.
Geef een ander woord voor PIEREN =

In een speelgoedwinkel krijgt je fantasie vleugels! Wil je cowboy worden, ruimtevaarder of zeerover? Dan kun je daar zeker je hartje ophalen.
Waarnaar verwijst het woord DAAR?

Op de speelplaats zie je vaak kinderen hinkelen, voetballen of touwtje springen. Het is er vaak een drukte van jewelste ! Zulke spelletjes zijn erg populair. Schrijf op hoe HINKELEN, VOETBALLEN OF TOUWTJE SPRINGEN anders genoemd worden: